Hoe je paard het vertrek in galop aanleren

(6)
Laat een opmerking achter

Hoe beveel je correct het vertrek in galop? Een vraag die elke ruiter zich wel eens stelt!

Of je paard nu al ervaring heeft of niet, het is nooit te laat om te trainen op de overgangen, wat bovendien ook een goede oefening is om de spieren van het paard te trainen en soepeler te maken, mits een correcte uitvoering uiteraard!

Benjamin Aillaud geeft je enkele tips om de oefening correct en op een rustige manier uit te voeren. Het is belangrijk dat je paard die niet als stresserend ervaart en dat je je bevelen rustig geeft.

Opfrissing van de hulpen om in galop te

  • Binnenbeen aan de singel,
  • Buitenbeen lichtjes naar achteren,
  • Lichaamsgewicht naar buiten,
  • Buitenkant van de schouder lichtjes naar achteren,
  • Ondersteunen met de binnenteugel.

Werk met de benen, druk met het bekken op het zadel en open de vingers: het paard begint te galopperen.


Overgang galop - draf - galop

Werk in eerste instantie op de overgang tussen draf en galop. Dat is gemakkelijk om mee te beginnen. Je kan de progressieve en niet-progressieve overgangen achter elkaar uitvoeren met beide handen. Eens de oefening correct wordt gedaan: je paard belonen en de teugels wat vieren.

  • Progressieve overgang:

Voor je een vertrek in galop beveelt, is het belangrijk de juiste draf te vinden, voor een comfortabele overgang. Maak een grote cirkel, het paard moet rustig en in evenwicht zijn, in een ritmische pas. Het mag niet te snel gaan. Indien nodig vertraag je een beetje voor je vertrekt in galop. Zet je bij voorkeur in zittende draf. Gebruik je hulpen en beveel het vertrek. Je moet voelen dat de achterste benen in beweging komen, het paard mag zich niet naar voren gooien.

  • Niet-progressieve overgang:

Na enkele stappen in galop, kan je overgaan naar draf. Hiervoor zet je je schouders weer recht, bied je lichtjes weerstand met de teugels en houd je de benen in dezelfde houding om de achterste ledematen aan te sporen. Gebruik indien nodig je stem. Als de overgang gebeurd is, ga dan zo snel mogelijk terug naar een werkdraf, op een rustige en ontspannen manier.


Overgang stap - galop - stap

De hulpen zijn net dezelfde als bij het vertrek in galop en draf. Houd een actieve stap aan, want een vertrek in stap vergt meer impuls, en plaats de hulpen.

Bij de niet-progressieve overgang de handen niet naar achteren trekken en niet aan de teugels trekken: de juiste handeling is eerder rechtop gaan zitten door de handen lichtjes omhoog te houden. Je vingers omsluiten mooi de teugels tot het paard in stap vertrekt.

Als het paard naar draf gaat in de overgang galop-stap, doe het dan terug galopperen in een cirkel. Beveel dan de overgang opnieuw, altijd op een kalme manier. Ondervind je nog problemen, beveel dan de overgang altijd op dezelfde plek, zodat je het paard vraagt om te anticiperen, waardoor de overgang correct zal worden uitgevoerd. Dat mag slechts enkele ogenblikken duren. Het paard moet de verschillende hulpen die horen bij de verschillende overgangen goed begrijpen en met elkaar kunnen linken. Precies daarom moet je heel duidelijk zijn bij elke instructie.

Als het paard dwars gaat voor het vertrek in galop, dan is dat omdat je te veel tijd neemt om het vertrek te bevelen, terwijl de buitenkant van je been al naar achter is. Op die manier denkt het paard dat je hem beveelt om de billen naar binnen te zetten. Heeft het paard de gewoonte om te traverseren, beveel dan een vertrek in contragalop zodat het de heupen opnieuw correct plaatst, en gebruik de omheining van de renbaan om het in een bepaalde richting te sturen.

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
Score geven
Een beoordeling plaatsen
NAAR BOVEN