Draven: HOE HET MOET

Laat een opmerking achter

Eindelijk is het mooie lenteweer er weer (of toch bijna). Zin om opnieuw te genieten van mooie tochten in de frisse lucht? Maak je geen zorgen: wij hebben een programma voor je klaar om je paard weer in vorm te krijgen en zijn uithoudingsvermogen te verbeteren. Perfect om je paard klaar te stomen voor de aankomende wedstrijden!  Ga zeker niet meteen al een uur liggen draven (ook al heb je hier waarschijnlijk immens veel zin in), maar begin rustig aan. Je zal merken dat die trainingen over een aantal weken lopen om gegarandeerd resultaat te zien. Net als wanneer we zelf willen starten met joggen om de extra's kilo's van in de winter weer kwijt te spelen. Ook dat heeft enkele weken nodig. En voor doeltreffende resultaten moet je ook hiervoor minstens één of twee keer per week trainen. 

 

Maar voor je weer tochten gaat maken met je paard op het platteland, moet je jezelf afvragen: 

 

  • Verkeert mijn paard in een goede gezondheid?
  • Is het goed beslagen? 
  • Is het goed hersteld van een blessure? 

Er zijn tal van signalen die je vertellen of je aan een trainingsprogramma voor het draven kunt beginnen, en hoe je die training zelf kunt aanpassen. Je moet ook rekening houden met het gewicht van het paard en zijn leeftijd, want een paard met overgewicht of een ietwat ouder paard heeft over het algemeen meer tijd nodig om vooruitgang te boeken. 

 

Een goede draf is het resultaat van een goed getimede intervaltraining. Wil je resultaten zien, dan moet je elke tocht met je paard chronometreren. Wissel enkele minuten in pas af met ritjes in draf en in galop. De duur van deze ritten wordt week na week langer en langer. 

comment faire un bon trotting

Met die regels in het achterhoofd stellen we het volgende programma voor met minstens 10 minuten opwarming in stap: 

1e week:  5 minuten stap, 5 minuten draf, 3 keer. Dus een training van 30 minuten. 

2e week: 5 minuten stap, 7 minuten draf, 3 keer. 

3e week: 5 minuten stap, 9 minuten draf, 3 keer. 

4e week: 5 minuten stap, 10 minuten draf. 

 

Wanneer je traint in stap wil dat niet zeggen dat je paard zich meteen moet laten gaan. Hij moet een actieve stap aanhouden, met een goede beweging van de achterste ledematen. 

 

Als je paard bijvoorbeeld deze winter niet al te veel heeft gewerkt, of als je pas bent begonnen met hem rustig aan weer te laten werken, dan kan je het volgende tempo aanhouden, met minstens 3 tot 4 keer draven per week. 

1e week: 30 minuten wandelen, met 5 minuten draf.

2e week: 30 minuten wandelen, met 10 minuten draf. 

3e week: 40 minuten wandelen, met 15 minuten draf. 

4e week: 40 minuten wandelen, met 20 minuten draf en 5 minuten galop.

5e week: 40 minuten wandelen, met 20 minuten draf en 10 minuten galop. 

 

Om er zeker van te zijn dat de training niet te zwaar is, kan je best vóór en na de training de hartslag van je paard meten. Ongeveer 15 minuten na een training moet zijn hartslag weer normaal zijn. Als het na 45 minuten nog niet het normale ritme heeft, dan is de gevraagde inspanning te zwaar geweest en moet je het tempo wat verlagen. 

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
Score geven
Een beoordeling plaatsen
NAAR BOVEN