Aanleren en trainen van de schouderbinnenwaarts

(1)
Laat een opmerking achter

De schouderbinnenwaarts ligt aan de basis van het werk op twee vlakken. Je kan de oefening in drie gangen uitvoeren. Het is een uitstekende oefening om het paard soepeler te maken en zijn achterhand te activeren terwijl hij ontspannen is. De schouderbinnenwaarts houdt mooi het midden tussen arbeid op de cirkel en op de rechte lijn. Deze oefening lost veel rijproblemen op.

[Vergeet niet om de ondertitels te activeren]

De schouderbuitenwaarts

Om te beginnen kan je het best starten met de schouderbuitenwaarts. Ga op de hoefslag staan met de neus van het paard naar buiten en de heupen naar binnen. In het begin kan je oefenen met een muur of een wand zodat je je benen en handen minder hoeft te gebruiken en het paard de oefening in alle rust kan begrijpen. Je buitenhand is dus lichtjes afgewend en je binnenbeen ligt op de singel en oefent lichte druk uit. Laat je paard niet versnellen. Je oefent het best eerst in stap en als dat lukt herhaal je dezelfde oefening in draf. Voer de oefening uit aan beide zijden.

Om de oefening op te drijven, kan je de schouderbuitenwaarts na de rechte lijn voortzetten op een grote cirkel in dezelfde houding, de buiging naar buiten en de heupen naar binnen gericht. Als je de cirkel afrondt, neem dan afstand van de hoefslag en probeer een schouderbuitenwaarts te rijden op de binnenhoefslag zonder de hulp van een wand. Voer dit uit aan beide zijden. Als je paard dit eenmaal onder de knie heeft, is het klaar voor de schouderbinnenwaarts!


De schouderbinnenwaarts

Begin met een volte en de buiging van het paard. Zodra je paard de juiste houding heeft aangenomen, verlaat je de volte en laat je het paard in dezelfde houding van de cirkel 'uitschuiven'. Je binnenbeen op de singel controleert de heupen, je binnenteugel opent de stelling en je buitenteugel behoudt de stelling. Let op dat je geen te grote hoek of buiging maakt. Het buitenvoorbeen en het binnenachterbeen moeten op hetzelfde spoor zijn. Wees in het begin tevreden met kleine stukjes en bouw de oefening vervolgens langzaam op door de afstand te vergroten van de schouderbinnenwaarts.

 

Tips en tricks:

Vraag je paard om te buigen om te weten of je stelling goed is. Als je zijn ooghoek kan zien, heb je de maximale lengtebuiging bereikt die je kan vragen.Voorbij dit punt buigt de hals te veel door.

Het paard verliest vaak zijn impuls bij de schouderbinnenwaartse oefening. Let er op dat je de oefening voldoende actief opnieuw inzet. Als je de oefening in stap traint, rijd dan zeker even in draf net voor je de oefening in stap herhaalt. Als je de oefening afrondt, kan je overgaan op een uitgestrekte gang op een diagonale.

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
Score geven
Een beoordeling plaatsen
NAAR BOVEN